Projectles “Jezus volgen”  te gebruiken bij bijvoorbeeld een gezinsdienst.

Door Marjon Ooms

 

Voorbereiding

Maak een heleboel voetstappen van gekleurd papier en plak deze met plakband op de grond van een zaal in een hele grote cirkel. Maak diverse “stations” langs het pad met voetstappen door attributen neer te leggen.

Bijvoorbeeld: 2 glazen wijn, rubberboot, mand met 5 broodjes en 2 vissen, houten kruis, linnen doeken en een wereldbol.

 

Vraag enkele mensen zich te verkleden als respectievelijk: bruid en bruidegom, rijke jongeling (met allemaal moderne spullen, zoals X-box, afstandsbedieningen, disc-man, mobiele telefoon etc.), Bartimeus.

 

Kies een gelijkenis uit de Bijbel.

 

Uitvoering.

 

De kinderen en volwassenen zitten binnen in de cirkel aan tafeltjes.

De kinderen krijgen papier waarop ze (met hulp van hun ouders) hun voeten mogen omtrekken en knippen de voetstappen uit. Ze schrijven hun naam op de voetstappen en plakken de voetstappen aan het begin van het voetstappenpad. Dit is een daad om te laten zien dat ze, net als de discipelen, de Here Jezus willen volgen. Terwijl je het  lied zingt  “stap voor stap, dag na dag, wil ik Jezus volgen…”  ga je met de kinderen op weg het voetstappenpad op. De discipelen wisten van te voren niet wat het zou inhouden Jezus te volgen, maar wat zij meemaakten is met geen pen te beschrijven. In de  evangeliën in de Bijbel kun je heel veel lezen wat de discipelen meemaakten. Langs het parcours laat je enkele gebeurtenissen zien en daar vertel je over; hoe het in de Bijbel beschreven staat en wat het nu nog voor ons betekent. Tussen de stations kun je steeds het lied zingen “stap voor stap”.

 

Ik heb gekozen voor de volgende gebeurtenissen:

 

De bruiloft te Kana

Er staat een bruidspaar met glazen wijn in hun handen. Je feliciteert ze door alle kinderen hen een hand te laten geven en vertelt ondertussen van de uitnodiging die Jezus en zijn discipelen kregen voor een bruiloft. Je vertelt in het kort het verhaal en af en toe richt je je tot het bruidspaar. Bijvoorbeeld met de vraag waarom ze de beste wijn voor het laatst bewaard hebben. Je laat de kinderen weten dat de discipelen verwonderd waren en dat ze in Jezus geloofden. Vraag aan de kinderen of je nu nog steeds in Jezus kunt geloven en of Hij nog steeds wonderen doet. Tot slot wens je het bruidspaar nog een fijn leven toe en ga je met de kinderen verder over het voetstappenpad.

 

De storm op het meer

De kinderen mogen in de boot zitten (tenminste, als er niet te veel kinderen zijn).

Doe de storm na. Vertel dat het grote kerels waren die bang werden. Vraag waar Jezus was.

Vertel wat er verder gebeurde.

Vraag wat de kinderen doen als ze bang zijn. Vertel dat ze naar Jezus mogen roepen. Hij is er altijd. Je kunt eventueel een lied zingen. Bijvoorbeeld: als het stormt, in een scheepje over zee, met Jezus in de boot, e.d.

 

De spijziging van de 5000

Hoeveel keer je 10 vingers is 5000? Laat weten dat al die mensen voor Jezus kwamen en niet naar huis wilden. Vertel dat Jezus zei: geef gij hun te eten. Laat de broodjes en de vissen zien.

Vertel dat Jezus de zegen uitsprak, dat de discipelen uitdeelden en doorgaven. Ongelofelijk wat er gebeurde. Laat tot slot weten dat als je Jezus wil volgen je ook mag uitdelen aan andere mensen.

 

Een gelijkenis

Laat de kinderen lekker op de grond gaan zitten en vertel een gelijkenis, zoals Jezus dat ook deed aan zijn discipelen. Bijv. de verloren zoon of de barmhartige Samaritaan

 

De rijke jongeling

Deze persoon staat helemaal aan het begin van het voetstappenpad. Hij is druk aan het bellen en praat stoer. (De taal van de jeugd van deze tijd). Je roept naar hem en vraagt wat hij aan het doen is. Hij zegt dat hij ook Jezus wil volgen. Je zegt tegen hem dat hij dan de geboden moet doen van bijvoorbeeld je ouders gehoorzamen, niet stelen e.d.  Hij zegt dat hij dat hij dat allemaal al doet. Je zegt dat hij dan waarschijnlijk iets vergeten is, namelijk dat hij z’n mooie spullen moet weggeven aan de armen en dan Jezus kan volgen. Hij laat merken dat hij niet echt zin heeft om al z’n mooie spullen weg te geven. Je vertelt dat je eerst het Koninkrijk van God moet zoeken en al het andere zal je bovendien geschonken worden. Oh, zegt hij: krijg ik het dan weer terug? Nou dat weet ik ook niet. Je vertelt de kinderen dat het er niet echt om gaat dat je alles weg geeft, maar dat het belangrijkste is dat je in alles Jezus voor laat gaan. Als je Hem tenminste wil volgen. Vertel in het kort dat de rijke jongeling uit de Bijbel verdrietig wegging.

 

Bartimeus

Hier zit een man verkleed als Bartimeus met een blinddoek voor.

Je vertelt in het kort het verhaal van Bartimeus en doet voor hoe hard Bartimeus Jezus riep. Het gaat er om dat kinderen weten dat Jezus genas en dat nu nog steeds doet. Vraag of de kinderen iemand kennen die genezen is.

 

Het kruis

Je komt bij het kruis en je vertelt wat de mensen gezien, gehoord en gevoeld moeten hebben toen Jezus stierf. Denk aan het kruis zelf, aan het bordje wat er boven gehangen werd, aan het verloten van zijn jas, aan de misdadigers die naast hem hingen, het roepen naar Zijn Vader, het donker worden, het feit dat de aarde beefde en de rotsen scheurden. Het moet een onbeschrijfelijke nare ervaring zijn geweest voor de discipelen.

 

De opstanding

Bij dit station liggen windsels. Vraag de kinderen welke discipel deze windsels heeft gevonden in het lege graf. Vertel over deze gebeurtenis. Jezus volgen eindigde niet in verdriet, maar de discipelen hebben met eigen ogen gezien dat Jezus niet dood is gebleven, maar dat Hij weer leefde.

 

Het zendingsbevel

Bij dit station staat een wereldbol.

De kinderen vinden het reuze interessant landen op te zoeken.

Het gaat er om dat Jezus de discipelen de opdracht heeft gegeven over de gehele aarde te gaan en alle mensen over  Hem te vertellen. En als je Jezus wilt volgen heb je ook deze opdracht.

Je kunt hier het lied zingen “Vertel het aan de mensen”.

 

Zegenen

Als je de cirkel helemaal rond bent gelopen en aan het einde van het parcours bent aangekomen, vertel je de kinderen dat je nog iets heel belangrijks bent vergeten. Er was namelijk een keer dat er allemaal kinderen om Jezus heen liepen. De discipelen wilde ze bij Hem vandaan houden. Zeg maar zoiets van: “uhh. … de kinderen kunnen nu wel naar een ander plekje, want dit is voor de grote mensen. Hup, hup, gaan jullie maar.”

Maar Jezus vond dat helemaal geen goed plan. Hij zei: Laat de kinderen tot mij komen want voor dezen is het Koninkrijk der hemelen. Vertel dat Jezus zo ontzettend veel van de kinderen hield. Hij zegende ze.

En dat wil hij nog steeds, de kinderen zegenen!

Geef elkaar een hand en zing een zegenlied voor de kinderen. Bijvoorbeeld: de Here zegent jou. Daarna mogen de kinderen de volwassenen het zegenlied toe zingen.

 

Je kunt aan het einde van deze projectles nog bidden en de kinderen, tieners en volwassenen vragen of zij vandaag willen besluiten om Jezus te volgen. Laat weten dat het belangrijk is je keuze uit te spreken. Zoiets van: ja, ik besluit vanaf vandaag Jezus te volgen en met Hem de weg te gaan.  Je kunt ter plekke in gebed gaan of je doet dat achteraf.