Programma Nr.5  Week 3   Hé, dat moet je mij doen! 

Geschreven door Josine de Jong (zie Bijbelverhalen.nl)

Lezen uit de bijbel     week 3

Jesaja 53: 5,6

 

5. Om onze zonden werd hij doorboord, om onze wandaden gebroken.

Voor ons welzijn werd hij getuchtigd, zijn striemen brachten ons genezing.

Wij dwaalden rond als schapen, ieder zocht zijn eigen weg; maar de wandaden van ons allen

liet de HEER op hem neerkomen.

 

Verklaring:

Doorboord,

dat verwijst naar Jezus handen en voeten aan het kruis.

Wandaden

zijn misdaden.

Getuchtigd

dat betekent geslagen.

Wij dwaalden rond als schapen

Als je niet weet waar je heengaat, dan dwaal je rond als een schaap zonder herder.

Als je vernielingen doet op straat, verniel je je eigen toekomst.

 

Kringgesprek   week 3

 

Heb je wel eens met de politie te maken gehad?

Schaam je je ervoor?

Vind je het normaal om te vernielen op straat?

Waarom is dat dom?

Er is veel geld te kort in ons land om oude mensen te helpen. Soms moeten ze ’s avonds al om zeven uur naar bed, omdat er niet genoeg verzorgers zijn. Zou ons land geld kunnen overhouden als jongelui niet zoveel vernielden?

Weet je wat één vernielde prullenbak de belastingbetaler kost? 300 euro. En een vernielde lantaarnpaal? 1000 euro. Een bankje? 500 euro.

Word je een ander mens als je Jezus volgt?

 

 

 

Verhaal  week 3

Ongeveer tien minuten

Het verhaal van mijn vriend

Door Josine de Jong

 

 

Ik wil je vertellen van mijn vriend Chris, die door mijn schuld in elkaar geslagen werd en mij toch alles vergaf. Door hem ben ik geworden wat ik ben, een sociaal werker in de wijk, waar ik als kind de buurt onveilig maakte. Ik vertel dit verhaal aan iedereen die het horen wil, want het is een verhaal van hoop. Luister.

 

Onze school, de Meester Baarsschool, stond precies op de grens van twee wijken. Er zaten kinderen op uit de Bloemenbuurt, een verwaarloosde vieze buurt, en de Prinsenbuurt. De Prinsenbuurt was een nette buurt met veel koophuizen en groene plantsoenen. Mijn vrienden en ik kwamen uit de Bloemenbuurt. We vormden een soort troepje, dat altijd over straat zwierf en kattenkwaad uithaalde. Veel van mijn vrienden kwamen uit eenoudergezinnen. Ze leidden een ongeregeld leven en aten maar wanneer het hun uitkwam of hingen tot in de kleine uurtjes achter de tv, waar ze niet bepaald veel goeds van leerden. Op school ging het natuurlijk niet al te best.

Hoe kan het ook anders als je niet uitgeslapen bent, slecht gevoed, vol vreemde gedachten over de wereld om je heen. Voor mijn vrienden en mij, was de straat ons thuis, waar we allerlei dingen naspeelden die we in politieseries op de tv hadden gezien. We bekalkten muren met onze graffiti, braken de antennes van de auto's af, vernielden fietsen en tramhokjes, kortom we groeiden op voor galg en rad. Tot op de dag dat Chris bij ons op school kwam.

'Kinderen, dit is Chris Leeflang,' zei de meester, 'Hij komt in onze klas. Zorg dat hij zich bij ons op z'n gemak voelt.'

Chris, met zijn donkere ogen en krulletjeshaar, grijnsde zo grappig naar ons, dat we hem gelijk sympathiek vonden. En... hij mocht zowaar naast mij zitten.

'Waar kom je vandaan?' fluisterde ik toen de meester even niet keek.

'Nieuwland,' fluisterde Chris terug.  'Weet je waar dat ligt?'

Nou, ik had er nog nooit van gehoord, maar knikte toch heel arrogant van 'tuurlijk!'

''t Is daar prachtig.' fluisterde Chris, 'Veel natuur en zo, weet je wel?'

Mmm! zei ik. Die Chris had wat, vond ik. Iets vredigs, iets vrolijks. Gek, ik kreeg zomaar het verlangen om meer van hem te weten te komen.

'Zullen we na schooltijd wat voetballen?' stelde ik maar meteen voor, bang dat anderen Chris van mij zouden aftroggelen.

Van die dag af waren we de beste vrienden. En niet alleen ik,  maar nog een paar jongens klitten voortaan om die nieuweling. Zoals ik al zei: alles veranderde met de komst van Chris. We richtten ons eigen voetbalclubje op, dat we de 'Eagles' noemden. Chris hield er niet van dat er geschopt of nagetrapt werd. Dus stelden we onze eigen strakke regels op. Wie zich daar niet aan hield werd uit de club gegooid. En voortaan niet meer laat naar bed of ongezond eten. Chris, die wijsneus, toonde ons uit zijn plakboeken dat een topsporter er alles aan doet om in conditie te blijven. Dus we aten sla, worteltjes en bruinbrood met kaas. We jogden door het park en hielden een straatverkoop van onze oude rommel voor de aankoop van allemaal dezelfde shirts. Zo vlogen de dagen en weken voorbij. We waren bijna de slechte gewoontes van vroeger vergeten, toen er iets heel naars gebeurde. Het was juist in de tijd dat jeugd uit de Bloemenbuurt nog al wat auto's had beschadigd in de Prinsenbuurt. Er was zelfs een artikel over verschenen in het wijkblad. Dat hitste de woede van de Prinsenbuurter autobezitters nog meer op. Iedereen was heel alert op de mogelijke daders. Dit alles was echter volkomen langs ons heengegaan. We hadden wel wat anders aan ons hoofd. Op die bewuste dag liepen we wat te geinen over de Prins Hendrikkade. Ach je weet wel, een beetje schreeuwen en dollen, maar niks slechts. Plotseling viel mijn oog op een Mercedes- embleem, dat uitdagend prijkte op de neus van een spierwitte dure car. Hoe ik zo stom was, begrijp ik achteraf zelf niet, maar in het voorbijgaan rukte ik het er snel vanaf en stak het in mijn zak. Chris, die voorop liep, had niks gemerkt. Hij was met Jason in discussie over noppen van voetbalschoenen, of zo. Maar hij kwam er gauw genoeg achter, want toen we even later bij de sporthal op het hek wilden gaan zitten kwam er met piepende remmen een auto op ons af. Een paar mannen sprongen eruit met boze en agressieve gezichten.

'Wegwezen!' riep Jason nog, eigenlijk instinctmatig, en we stoven alle kanten uit. Iedereen, behalve Chris. Die was het immers niet gewend dat hij achterna gezeten werd. En laf als we waren, lieten we hem allemaal in de steek...

Laat, heel laat die avond, werden we gebeld door Chris' moeder. Er was iets vreselijks gebeurd. Chris was zo in elkaar geschopt, dat hij bewusteloos naar het ziekenhuis moest worden gebracht. Zijn neus was gebroken, zijn jukbeen dik en opgezwollen. Zwarte korstjes bloed zaten rondom zijn mond en dagenlang kon hij niet kauwen. Arme Chris. Hij kreeg de klappen die ik verdiende. En die wij allemaal verdienden. Wij, jongens uit de Bloemenbuurt,  met onze criminele daden. De mannen die het gedaan hadden, kreeg natuurlijk de politie op z'n dak. Maar daar was Chris niet mee geholpen. Met bonzend hart belde ik de volgende dag bij mijn grote vriend aan. Al mijn zakgeld had ik gestoken in een cadeau: een prachtige leren knetter. Nooit zal ik vergeten hoe Chris daar op de bank zat met dat toegetakelde gezicht. Maar zijn guitige ogen straalden toen hij zei: 'Ach joh, alles vergeten en vergeven, hè! We blijven vrienden.'

Een tijdje later is Chris weer teruggegaan naar Nieuwland. Zijn ouders konden het toch niet wennen in de grote stad. Maar nooit meer heb ik andermans eigendommen vernield. Ik had mijn lesje geleerd...

Nou zul jij misschien vragen: Hoe komt het toch dat Chris zo goed kon vergeven? Ja, die vraag stelde ik hem ook. En weet je wat hij zei?  'Ach, ik heb zelf ook een vriend, die mijn schuld droeg. Hij heet Jezus. Ken jij hem al?'...

Zo werd die dag het begin van mijn leven met God. Begrijp je nou dat ik dit verhaal aan iedereen wil vertellen?

 

 

 

Eerbied week 3   Ongeveer vijf minuten

 

Het spijt ons, Heer, dat er zoveel geld verloren gaat door vernielingen.

Geld wat we aan goede dingen zouden kunnen besteden. 

Vergeef ons als we dingen fout deden. Leer ons dat lachen alleen leuk is als andere mensen er ook blij van worden.

We bidden u dat er nog veel kinderen naar de kinderclub of zondagsschool gaan, zodat ze van u kunnen horen.

We willen met u samen werken aan een hoopvolle toekomst. Amen

 

 

 

 

 

 

 

 

Opdracht   week 3

Ongeveer tien minuten

 

Materialen/ Denkstarters 106.

 

 

 

 

 

 

Tekst     week 3

 

 

Tekstkaartjes bij Rom. 12:21

 

 

 

Laat u niet overwinnen door het kwade, maar overwin het kwade door het goede. Rom. 12:21

 

 

 

Laat u niet overwinnen door het kwade, maar overwin het kwade door het goede. Rom. 12:21

 

 

Laat u niet overwinnen door het kwade, maar overwin het kwade door het goede. Rom. 12:21

 

 

Laat u niet overwinnen door het kwade, maar overwin het kwade door het goede. Rom. 12:21

 

 

Laat u niet overwinnen door het kwade, maar overwin het kwade door het goede. Rom. 12:21

 

 

 

Laat u niet overwinnen door het kwade, maar overwin het kwade door het goede. Rom. 12:21

 

 

Laat u niet overwinnen door het kwade, maar overwin het kwade door het goede. Rom. 12:21

 

 

Laat u niet overwinnen door het kwade, maar overwin het kwade door het goede. Rom. 12:21

 

 

Laat u niet overwinnen door het kwade, maar overwin het kwade door het goede. Rom. 12:21

 

 

Laat u niet overwinnen door het kwade, maar overwin het kwade door het goede. Rom. 12:21

 

 

Laat u niet overwinnen door het kwade, maar overwin het kwade door het goede. Rom. 12:21

 

 

Laat u niet overwinnen door het kwade, maar overwin het kwade door het goede.  Rom. 12:21

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Activiteit   week 3

Ongeveer 15 minuten 

Deze week kun je kiezen uit de volgende activiteiten:

 

# Spaghettidoosje 

Het is leuk om een quiz te doen met een doosje waaruit draadjes hangen. Er zijn van die bijdehante kinderen die alle vragen weten. Maar dit doosje corrigeert het. Uit een doosje hangen gekleurde draden. Je weet niet hoe lang ze zijn, want je kunt niet in het doosje kijken. Bij een goed antwoord mag het kind een draadje trekken. Als je twee groepen hebt gemaakt kun je na afloop meten welke groep de langste aan elkaar geknoopte draad heeft.

 

 

# Of Spel 38

Laat elk kind met inkt een vlek maken op een A3. Vouw de A3 dubbel, goed wrijven. Als je het blad weer opent heb je een vlek. Maak van die vlek een tekening.

 

# of Paasbingo

 

 

Quiz      week 3

Welk vraag-nummer hoort bij welk antwoord-nummer ?

Zie de antwoorden onderaan deze pagina 

 

 

Vragen

 

Antwoorden

1

Waarom moet zonde per se gestraft worden.

1

 Als een ander er om moet huilen.

2

Wie lijdt er onder als wij stelen? 

2

Jezus.

3

Wat is erger stelen of liegen? 

3

 Doordat Jezus ook weer opstond uit de dood!

4

Wanneer is lachen niet goed?

4

Anders is het niet eerlijk.

5

 Waarom moeten we blij zijn dat er politie is?

5

De mensen van wie we iets hebben gestolen. Soms ook nog hun familie of kennissen.

6

Wie werd er voor onze wandaden gestraft?

6

Nee.

7

Is plaatsvervangend straffen eerlijk? 

7

Liegen is ook stelen. Je steelt de waarheid van iemand. 

8

Er stonden drie kruisen op Golgota. Wat is het verschil tussen die twee kruisen en dat ene?

8

Ze zorgen voor rust en orde, dat de wetten van het land worden gerespecteerd. 

9

Waarom kon Jezus ons redden door dood te gaan? 

9

Niemand was goed genoeg. Alleen de zoon van God kon ons redden. 

10

Welke mensen op de wereld waren goed genoeg om  ons weer bij God terug te brengen? 

10

Aan het ene kruis hing een onschuldige.

 

 

 

 

 

 

 

Antwoorden: 1- 4    2- 5    3-7    4-1     5-8    6-2    7-6    8-10    9-3     10- 9

 

 

Video    week 3

 

Powerpoint Pasen.

Of: boekjes: Bruce.